Waterpas

: 1930-1960

: 01343


Waterpas. Hout, in houten doos, 40 cm lang, eikenhout. Een waterpas, ook bekend als timmermanswaterpas, is een meetinstrument dat wordt gebruikt in de bouwkunde om te bepalen of een vlak of lijn zo precies mogelijk horizontaal ligt. De waterpas bestaat uit een balk van metaal, hout of kunststof waarin een zogenaamde libel is bevestigd. De libel is het iets gekromde, doorzichtige buisje, gevuld met een lichtgekleurde vloeistof (meestal ethanol). In het midden van dit buisje zijn twee streepjes aangebracht met een tussenruimte gelijk aan de afmeting van de luchtbel. Het buisje is zodanig in de balk bevestigd dat wanneer de balk precies horizontaal is geplaatst op een oppervlak de luchtbel zich precies tussen de twee streepje bevindt. Er is sprake van het meten van de richting van de zwaartekracht. Vloeistofoppervlakken in rust staan loodrecht op de richting van de zwaartekracht. Is het oppervlak niet precies horizontaal dan ligt de luchtbel niet tussen de streepjes. Een waterpas kan ook worden gebruikt om te bepalen of een oppervlak precies verticaal is geplaatst, echter men doet met een waterpas waarin de libel is bevestigd loodrecht op de lengte van de waterpas. Men refereert dus in zo'n geval aan de positie ten opzichte van het horizontale vlak. Evenzo kan men een vlak onder een hoek van 45° meten waarbij de libel onder die hoek met de lengte is bevestigd. De term waterpas is zowel onzijdig als mannelijk en kan dus met "het" of "de" worden aangeduid. Hoewel de benaming anders doet denken is het gebruik van water minder geschikt daar dit uitzet bij bevriezing en het glazen buisje kan doen barsten. (Bron: wikipedia)