Oorijzer

: 1930

: T-06062


Zilveren oorijzer met gouden boeken. Het oorijzer is een onderdeel van de klederdracht voor vrouwen in met name de noordelijke provincies van Nederland en Zeeland. Het vormde oorspronkelijk een onderdeel van de burgerdracht, dat in de streekdrachten is overgenomen. Aanvankelijk was het oorijzer een metalen beugel om de mutsen op hun plaats te houden. Het werd over een ondermuts gedragen en een luxueuze bovenmuts werd er op vastgezet. In de loop der tijd groeide het oorijzer uit tot een pronkstuk. Aan de voorzijde van de oorijzers staken versierde gouden plaatjes of krullen uit. Mutsspelden werden gebruikt om de kap aan het oorijzer te bevestigen (bron: Wikipedia) De vierkante of rechthoekige ornamenten aan weerszijden van het oorijzer werden plaatjes of boeken genoemd. In sommige streken werden deze in de tweede helft van de 18e eeuw vervangen door krullen. Aan de boeken (of krullen) kon nog een hanger worden bevestigd: de zogenaamde bellen. Het geheel werd soms gecompleteerd met de zijnaalden en/of een op het voorhoofd gedragen voorhoofdsnaald. Dit geheel van hoofdsieraden wordt wel kapstel genoemd.