Zestig jaren CJMV
Dinsdagavond hield de CJMV „Soli Deo Gloria" haar 60ste jaarvergadering in de gymnastiekzaal der Ned Herv school. Woensdagavond werd een zelfde avond gehouden, zulks in verband met het groot aantal begunstigers dat deze vereniging in Maasland telt. De voorzitter, dhr M. J. Brandt, opende. Tevens sprak hij waarderende woorden over de oprichters en gewaagde hij van de zegeningen welke men in de afgelopen jaren mocht ontvangen. Na het 1ezen van een gedeelte uit de H. Schrift gaf J. Voogt hier een inleiding over. In de loop van de avond hebben vele leden zich verdienstelijk gemaakt. Dhr J. de Dreu wist de aanwezigen te boeien met zijn voordracht „De klokken van Poederooijen". Het daverend applaus was zeker verdiend. Het orgelspel van dhr J. van Vliet had alIer aandacht. gevoerd met dhr D. Zonneveld, een der oprichters, waardoor een beeld van 60 jaar verkregen werd. Burgemeester Groot Enzerink sprak zijn gelukwens uit.
De penningmeester, dhr M. v d Lely, vertelde dat de ontvangsten met het batig saldo van het vorige jaar f 1254,66 waren, de uitgaven bedroegen f 934,62, doch er was nog een schuld van f 358,60 zodat er een tekort was van f 38,56.
De secr., dhr P. Doelman, deelde mede, dat er in het bestuur enige verandering was gekomen. In de plaats van dhr P. Moerman was in het bestuur dhr P. Zonneveld gekozen. Het aantal leden 48 mag bevredigend genoemd worden. De bijeenkomsten worden trouw bezocht.
Dhr C. Voogt brengt verslag uit van het bouwfonds. Hij vertelde, dat men zich betrekkelijk had ingekocht in het gebouw dat de Ned Herv kerk zal doen bouwen. De reeds aangekochte grond heeft men weer aan de gemeente terug kunnen verkopen. Uit de verjaardagsbusjes werd een bedrag van f 425 ontvangen. De verkoop van de grond bracht f 1800 op. De stand is thans f 12.078,48. Het hoogtepunt van de avond was de opvoering van het toneelstuk „Maaike", een spel in drie bedrijven. We vonden in dit stuk, dat zeer goed werd vertolkt, de bekende spelers van vorige toneelstukken terug.
Met enige hartelijke woorden werd aan Ds Keijzer het erelidmaatschap opgedragen, dat deze gaarne aannam. Niet dat deze om een baantje verlegen was, maar omdat hierdoor een schakel gevormd werd tussen kerk en het jeugdwerk. Met een tableau kwam het einde.